Het monster en de zegen van vergetelheid

P

Er was eens een vrouw genaamd Nirel. Laten we maar zeggen dat zij twee keer zo hard moest werken om menselijk te worden,  in leven te blijven, en haar kostje bij elkaar te scharrelen. Toch vond Nirel dat zij gelukkig en te prijzen was, omdat zij vijf kinderen had gekregen – ook al waren twee ervan reeds zeer jong teruggevlogen naar de hemel – die zij boven alles liefhad.

Hoewel zij van al haar kinderen hield, was Nirel heimelijk het meest gehecht aan haar oudste dochter, Nieuw Begin. Iedereen die dit meisje ontmoette werd vertederd door haar open lach en houding. Het was een onschuldig en puur meisje dat vol energie zat. Toen zij leerde lopen, vond zij dat zo verrukkelijk dat zij het de hele dag deed, zolang zij wakker was; en zorgwekkend genoeg later ook `s nachts in haar slaap. Vanuit haar kamertje ging zij uit slaapwandelen, de duisternis in, waar alleen de maan te zien was.

Nirel bedacht ten slotte een oplossing die simpel was, zoals zo vaak het geval is met de beste oplossingen: ze haalde een belletje en hing het om de hals van Nieuw Begin. Het belletje zou vast wel iemand wekken als Nieuw Begin midden in de nacht op zou staan. Na een tijdje slaapwandelde Nieuw Begin niet meer, maar zij was gehecht geraakt aan het belletje en wilde het niet meer kwijt. En hoewel het dus zijn oorspronkelijke doel verloren had, bleef het belletje bevestigd aan het bandje om de hals van het meisje.

Als Nirel na een lange dag werken thuiskwam, rende Nieuw Begin haar altijd buiten al tegemoet, terwijl het belletje rinkelde bij elk stapje dat ze zette. Nirel tilde Nieuw Begin dan op en nam haar op haar arm mee naar huis. Na het eten keek Nirel naar haar gezin en stelde zich voor dat al haar kinderen ooit zelf kinderen zouden krijgen, van een partner die hen op handen droeg. En dat zij een trotse matriarch kon zijn van een nog groter kroost.

Helaas, er kwam een einde aan de gelukkige dagen van Nirel. Op een dag kwam er een demon in haar woonplaats. De aarde beefde bij iedere stap die hij zette, en iedereen wist dat hij uit een van de huizen een kind zou meenemen . Alle gezinnen baden dat het monster aan hun huis voorbij zou gaan, want ze wisten dat als het monster op hun dak klopte, ze een van hun kinderen moesten afstaan. Niemand zou het arme kind dan ooit nog terugzien. Ik denk dat je nu wel weet op wiens dak het gevreesde kloppen van het monster neerkwam.

Nirel wist niet welk kind zij af moest staan, ze kon met geen mogelijkheid ooit zo`n keuze maken. Maar als ze niet koos, zou de demon al haar kinderen meenemen. Dus uiteindelijk haalde Nirel buiten stenen van dezelfde grootte en vorm. Ze krabbelde op elk ervan de naam van een kind, en deed de stenen daarop in een jutezak. Nirel besefte dat ze een vinger moest afsnijden om de hand te redden. Ze sloot haar ogen en haalde dus een steen uit de zak. Ik veronderstel dat jullie nu ook weten welke steen Nirel uit de zak haalde. Toen zij de naam las, hief zij haar hoofd ten hemel en slaakte een kreet. Met een gebroken hart tilde zij Nieuw Begin op en zette haar buiten, waarna zij de deur sloot. Toen pas begreep Nieuw Begin dat er iets mis was; en Nirel stond met dichtgeknepen ogen waar de tranen uit stroomden met haar rug tegen de deur, terwijl haar geliefde Nieuw Begin er met haar knuistjes op sloeg en riep dat Nirel haar weer moest binnenlaten, en Nirel bleef zeggen “vergeef me, vergeef me” terwijl de grond dreunde van de voetstappen van het monster.

Nadat de aarde niet langer bewoog en het offer was gebracht, kwamen de plaatsgenoten naar Nirel toe om haar te helpen en haar met geschenken te overstelpen teneinde haar te troosten. Maar Nirel zat in een hoekje te huilen, de tranen stroomden over haar wangen. Je zou je ergste vijand nog niet toewensen zo veel pijn en lijden te moeten ondergaan. Er verstreken jaren, en de rijkdom van haar woonplaats droogde op, in tegenstelling tot Nirels verdriet, die een rivier was die met de dag steeds sterker zwol. Ze was voor haar gezin van geen enkel nut meer.

Ze sprak niet meer met de medebewoners van haar woonplaats, omdat ze bang was dat die achter haar rug om zeiden dat zij een lafaard was omdat zij haar dochter zonder slag of stoot had weggegeven. Dat zij als moeder ongeschikt was. Een echte moeder zou het monster bestreden hebben. Die zou haar leven hebben gegeven om haar gezin te verdedigen. “Je hoort je eigen stem” , zeiden haar andere kinderen. Ze vertelden Nirel niet dat de bewoners achter Nirels`rug om fluisterden dat zij misschien gek geworden was.

En op een goede dag gaf zij hen daar het bewijs van. Ze liep vele, vele dagen. Ze sliep bij rivieren en onder bomen of rotsen. Soms at ze een hele dag niets en bleef ze lopen. Als voorbijgangers haar vroegen waarheen zij onderweg was, vertelde zij het hen, en sommigen maakten zich uit de voeten uit angst dat zij gek was, weer andere baden voor haar, omdat zij ook een kind aan het monster verloren hadden. Nirel liep met gebogen hoofd voort. Tenslotte bereikte zij de berg waarop de burcht van de demon stond. Zij was zo begerig om haar zoektocht te voltooien dat ze niet rustte en onmiddelijk aan de beklimming begon. Haar kleren aan flarden, blootsvoets met bebloede voeten, haar haar onder het stof, maar met een ongebroken wil. De scherpe rotsen reten haar voetzolen open. Heftige windvlagen vaagden haar zowat van de berghelling. Maar ze bleef klimmen, tot ze eindelijk voor de zware poort van de burcht van het monster stond.

Het monster schreeuwde: “Welke waaghals is daar? Wat wil je?”  Nirel zei: “ik ben hier gekomen om je te doden. Een van ons beiden gaat vandaag sterven, hoe dan ook”. Even leek het erop dat het monster Nirel van haar sokken zou maaien en een eind aan haar leven zou maken met een enkele beet van zijn tanden, scherp als dolken. Maar er was iets wat het monster deed aarzelen. Misschien waren het de krankzinnige woorden van de oude vrouw. Misschien was het het uiterlijk van de oude vrouw, met haar kapotte kleren, haar bebloed gelaat, het stof dat haar van top tot teen bedekte, de etterende zweren op haar huid. Of misschien was het wel dat de demon in de ogen van de oude vrouw geen enkel spoor van angst ontwaarde.

“Mag ik vragen wat voor kwaads ik jou heb aangedaan dat mijn dood zou rechtvaardigen?”zei de demon. “Je hebt mijn liefste dochter van mij afgepakt”, antwoordde Nirel. “Zij was het dierbaarste wat ik op aarde had”. “Ik moet zeggen dat er een zekere bewondering voor je moed in mij opkomt” . “Jij weet niet wat moed is” zei Nirel. “Voor moed moet er iets op het spel staan. Ik heb niets meer te verliezen”. “Je hebt je leven te verliezen”. “Dat heb je me al afgepakt” zei Nirel.

Het monster wilde Nirel op de proef stellen en nam haar mee naar een tuin, zo mooi dat zij aan drie levens nog niet genoeg had gehad om zo`n mooie plek bij elkaar te fantaseren. Maar waar Nirel voor door de knieen ging, was de aanblik van kinderen die onbekommerd in de tuin renden en speelden. De ogen van Nirel zochten tussen de kinderen, en ten slotte vond zij naar wie zij op zoek was. Daar was zij! Haar dochter, Nieuw Begin, levend, en meer dan gezond! Ze was volwassener geworden, en haar haar was langer geworden dan Nirel zich kon herinneren. Nieuw Begin lachte blij, terwijl ze achter een paar vriendinnen aan rende.

“Ik heb je op de proef gesteld. Een liefdesproef. Een wrede beproeving, dat geef ik toe, en ik ben me bewust van de zware tol die jij ervoor betaalt. Maar je hebt het doorstaan. Dit is je beloning. En de hare” zei de demon. ” Je zegt dat je geen moed hebt, maar er was moed nodig voor wat jij gedaan hebt, voor de zware last die jij bereid was te dragen. Daar spreek ik mijn respect voor uit. Je dochter kan zich jou niet herinneren” , vervolgde het monster. “Dit is nu haar leven, en je hebt zelf gezien hoe gelukkig ze is. Op een dag, als zij een volwassen vrouw geworden is, mag ze vertrekken als zij dat wil, en er wordt haar geen strobreed in de weg gelegd. Ik denk dat zij vele levens zal beroeren met haar vriendelijke , zorgzame aard en dat zij mensen die in verdriet gedompeld zijn, geluk zal brengen”.

“Ik wil haar zien”, zei Nirel. “Ik wil haar mee naar huis nemen”.  “Wil je dat echt?” zei de demon. “Dan geef ik je een zandloper. Als het zand eruit weggelopen is, zal ik je vragen wat je besloten hebt. Als je haar meeneemt naar huis, kan zij hier nooit meer terugkeren. Maar als je daar niet voor kiest, kun jíj hier nooit meer terugkeren”.

“Ik neem haar mee naar huis” dacht Nirel meteen. Dat verlangde zij het meest van al, met elke vezel van haar wezen. Had zij zich dat niet voorgesteld in wel duizend dromen? Nieuw Begin weer vasthouden, haar wangen kussen en haar zachte handen en voeten. En toch… als zij Nieuw Begin mee terug naar huis nam, wat voor leven stond haar daar dan te wachten? Zou ik mezelf dat kunnen vergeven, dacht Nirel? Ze werd zo wanhopig dat ze de zandloper stuksmeet. “Je bent een wreed beest” zei Nirel tegen de demon. “Als je even lang als ik had geleefd” , zei het monster, “dan wist je dat wreedheid en goedheid schakeringen zijn van een en dezelfde kleur. Heb je een beslissing genomen?”

Nirel liep langzaam met gebogen hoofd naar de deur. “Je bent een goede moeder” zei het monster toen Nirel hem passeerde. “Neem dit mee” zei hij, en gaf Nirel een flesje met een donkere vloeistof. “Drink het onderweg naar huis op. Vaarwel”.

Toen Nirel eindelijk weer thuis was gekomen en te eten en te drinken had gehad, lag ze in haar huis, terwijl haar kinderen en plaatsgenoten haar de ene na de andere vraag stelden. “Waar ben je geweest, Nirel? Wat heb je gezien? Wat is er met je gebeurd?” Nirel kon ze niet beantwoorden, want zij kon zich niet herinneren wat er met haar was gebeurd. Zij kon zich niets van haar tocht herinneren. De tuin niet, de kinderen niet, en het meest van al herinnerde zij zich niet dat zij haar dochter Nieuw Begin had gezien tussen de bomen. Als iemand Nieuw Begin`s naam noemde, knipperde Nirel verward met haar ogen. “Wie?” zei zij. Ze wist niet meer dat ze ooit een dochter had gehad die Nieuw Begin heette.

Begrijp je dat het een daad van barmhartigheid was? Het drankje, dat haar herinneringen had gewist? Het was Nirels`beloning voor het feit dat zij de tweede proef van het monster had doorstaan. Verder valt er weinig te zeggen. Wat ik wel kan vertellen, is dat Nirel een hoge leeftijd heeft bereikt. En dat haar kinderen tijdens haar leven zelf vele kinderen kregen, en ieder van hen bracht Nirel groot geluk. En ik kan je ook vertellen dat er weleens nachten waren dat Nirel niet kon slapen. En in die nachten gleed zij uit bed, pakte haar stok en verliet het huis. Dan dacht ze na over haar lange leven, en sprak haar dank uit voor de gulle gaven en de vreugde die haar vergund waren geweest. Het zou verachtelijk zijn geweest om nog meer te willen. Ze zuchtte tevreden en luisterde naar de wind die uit het noorden kwam, en naar het tjilpen van de vogels.

Maar eens in de zoveel tijd meende zij ook een ander geluid te horen. Het was altijd hetzelfde, het rinkelen van een belletje. Ze begreep niet waarom zij zo`n geluid zou moeten horen, alleen in het duister. Zoals zij ook niet begreep waarom er altijd een golf door haar heen sloeg als zij het rinkelen ervan hoorde, iets als het einde van een trieste droom, die haar onverhoeds trof, als een onverwachte windvlaag. Maar dat ging voorbij, zoals alle dingen voorbijgaan. Het ging voorbij.

 

 

Advertenties
Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

René de schizofreen, of De functie van het benóemen van pijn

Ik wist destijds als tiener niet wat het betekende als iemand ( degene met wie ik samenwoonde) schizofreen was, volkomen transformeerde tot ( een nogal gewelddadige en wazige)  “ Jezus” en mij moest vermoorden omdat ik de duivel was. Hij werd opgesloten in een kliniek, maar ontsnapte telkens en kwam mij op de meest onverwachte plekken en tijden belagen. Ik was nergens veilig, en er was niemand die mij beschermde, of bij wie ik terecht kon.

Ik was doodsbang, geschokt, en kreeg paniekaanvallen. Ik zag soms zomaar plassen bloed op de vloer van het postkantoor, of in de telefooncel, levensecht ( hij was dol op messen als hij doordraaide).

Toen hij eindelijk vanuit de kliniek door z’n ouders werd meegenomen naar de Verenigde Staten, werd alles als “ afgerond” beschouwd.

Er werd niet samen gehuild. Niemand praatte of wilde praten met mij over wat er was gebeurd: het leek wel alsof er een onderlinge afspraak was gemaakt om het nooit meer over hem te hebben. Er was niemand die mij vertelde hoe je je gedroeg als je een zware PTTS had doordat je maandenlang keer op keer tenauwernood aan de dood was ontsnapt, en een naaste zo onherkenbaar had zien transformeren. Ik had geen enkel houvast, had geen model voor rouwen, verwerken of helen. En ik mocht ( en kon) geen professionele hulp inschakelen.

Uiteindelijk kwam ik compleet vast te zitten in angst en paniekaanvallen, en heb ik een vol jaar m’n kleine slaapkamertje niet uit gedurfd. De paniekaanvallen waren erger dan de ergste hel, ik kreeg ze zelfs als iemand me belde of als ik onder de douche wilde.

Sinds dat ( onverwerkte) trauma ben ik altijd ontzettend bang gebleven. Ontzettend bang dat als ik van iemand hield, die persoon dood zou gaan. In mijn hoofd speelden ( en spelen) zich afgrijselijke scenario’s af als mijn vader 10 minuten te laat thuiskwam van zijn werk, of – later – als mijn echtgenoot naar zijn werk reed. Of – nog later – als één van mijn kinderen niet in de buurt was. Ik was er ten stelligste van overtuigd dat ze niet terug zouden komen.

Vanaf de periode dat “ hij” doordraaide en het uit naam van God op mijn leven gemunt had, leek de wereld ineens vol van gevaren. Ik heb veel jaren verspild met voortdurend in angst leven, op de twee jaren na m’n scheiding na, waarin ik voor het eerst vrij was en alles deed wat ik wilde.  Wrang genoeg zijn dat juist de jaren en de levensstijl die mijn kinderen en naasten mij verwijten, ten zeerste. Kennelijk mag ik niet vrij en onbezorgd mn eigen koers varen.

Ik ben jarenlang ontzettend moedeloos en down geweest zonder hoop op enige toekomst voor mijzelf; maar ik leerde om net te doen alsof er niets aan de hand was. Terwijl dat wel zo was.

Soms vraag ik mezelf af hoe het zou zijn om in de tijd terug te gaan, en alles over te doen. Maar dan zónder er noodgedwongen over te hoeven zwijgen, en mét liefdevolle hulp en steun om me heen. Mijn leven zou er compleet anders hebben uitgezien. Het leven van mijn huwelijk en relatie daarna zou er compleet anders hebben uitgezien. Het leven van mijn kinderen ( dat is het meest hartverscheurende) zou er compleet anders hebben uitgezien. Als ik destijds de pijn had kunnen benoemen, over mijn angsten had kunnen praten, mijn gevoelens had kunnen delen, dan zou alles er zo anders hebben uitgezien.

Rouw ontstaat niet alleen wanneer iemand sterft. Rouw ontstaat wanneer we iets verliezen dat kostbaar voor ons is: bijvoorbeeld ons vertrouwen, ons geloof, of onze onschuld. Waar we ook om treuren, wanneer we onszelf toestaan om de pijn te voelen, kunnen we al snel in de fase van boosheid terechtkomen.

En dat is prima, super zelfs, zolang we er maar niet in blijven vastzitten en verharden of afstompen. We kunnen door soebatten onze pijn, onze schuld, onze schaamte of de realiteit van ons verlies niet laten verdwijnen. De enige manier om ons van onze pijn te bevrijden, is erdoorheen te gaan. Ik weet vaak niet waar te beginnen. Maar heling is onvoorwaardelijk. Neerslachtigheid tijdens het rouwproces is een begrijpelijke reactie op het besef dat het leven is veranderd, vaak op een pijnlijke of zelfs tragische wijze.

We vinden echter onze hoop en onze heling in de laatste fase, namelijk die van acceptatie. Acceptatie is de erkenning datde dingen zijn veranderd en nooit meer zullen worden als voorheen. We aanvaarden onze pijn, onze wanhoop, ons verdriet, onze schaamte. En zo aanvaarden we onze eigen kwetsbaarheid. Op die manier kunnen we ons opnieuw verbinden met het leven en de wereld. Alleen door het herstellen van het web van verbondenheid kunnen we vrede vinden.

Mijn terugkerende struikelblok is dat ik het verleden nog niet kan vergeven. Vergeving betekent immers dat je alle hoop op een beter verleden laat varen. Zover ben ik kennelijk nog niet: het blijft terugkomen.. Maar ik durf het in elk geval al voor mezelf te erkennen, dit. Gevoelens  die we niet ( durven) erkennen, kunnen we niet loslaten. Wanneer je je gevoelens kunt omarmen, omarm je jezelf en laat je ook toe dat anderen jou omhelzen.

Geplaatst in Geen categorie | 1 reactie

Mijn Tweelingziel

Ik ken mijn tweelingziel, en ik weet dat wij omstreeks 2020 gaan samenwerken. Mijn tweelingziel heeft momenteel geen contact met mij; hierdoor kan ik eerst de weg vrijmaken in mijn ontdekkingstocht naar het omgaan met mijn hooggevoeligheid. En later zal mijn tweelingziel mij helpen bij de taak die wij samen hebben.

Denk niet dat het allemaal Hallelujah is om een tweelingziel te hebben in dit leven. Het is een diep intense en soms loodzwaar proces van het gevecht tussen ego en ziel. Weet je hoe ik dit fenomeen zou noemen wanneer ik er een boek over zou schrijven? “The most unromantic lovestory you will ever experience”.  Tweelingzielen zijn bij elkaar gekomen ( in dit leven, maar vaak tijdens meerdere levens) voor een hoger doel – een doel dat verder gaat dan wat zij in eerste instantie kunnen bevatten.

De hernieuwde kennismaking – want ze zijn al vaker samen geincarneerd en gaan dat meestal nog vaker doen – gaat gepaard met confrontaties van onverwerkte pijn en emoties uit dit leven en uit andere levens. Je werkt, ieder voor zichzelf en ook samen, stukken daarvan uit.

Vaak willen tweelingzielen het liefst zo snel mogelijk versmelten. Dat is immers de opperste staat van heelheid die ze diep vanbinnen kennen. In de praktijk werkt het echter vaak anders, weet ik. De afstemming tussen ons moet juist in een rustig tempo gaan. Het proces van tweelingzielen gaat namelijk gepaard met een verhoging van het bewustzijn. Het lichtlichaam wordt groter en er komen meer DNA-strengen bij. Dat kan niet al te snel gaan.

Mijn tweelingziel en ik maken deel uit van een groter plan ( ieder individu natuurlijk ook). Wij zijn bij elkaar gezet om veranderingen door te zetten. Door ons proces van verwerking van pijn, verdriet en het loslaten van te sterk vanuit het ego gerichte afhankelijkheid, gaan wij anderen daarin voor. Wij zijn een lichtend voorbeeld, door alleen maar te zijn wie wij zijn ( lees: ECHT).

Ik ben begin augustus 2017 begonnen aan een nieuwe fase in mijn leven, een complete transformatie. Op dat moment wist ik nog niet dat toen net het planetaire nieuwjaar begonnen was ( ik heb geen verstand van sterren en planeten: dit tijdstip had ik gewoon met mijn engelen en weggevlogen vader afgesproken). Ik wist toen nog niet dat Sirius weer zichtbaar was geworden aan de hemel, en dat juist het moment van mijn “grote ommekeer” en het verschijnen van Sirius door de oude Egyptenaren gevierd werd als een zeer belangrijk tijdstip en het begin van het nieuwe jaar ( ik heb tijdens een van mijn vorige levens een belangrijke functie vervuld in het Oude Egypte, dus dit is uiterst frappant). Ik kan nog wel meer zaken noemen, maar straks gaan jullie me nog voor zweefkees uitmaken, haha.

Mijn tweelingziel en ik ervaren dit aardse leven beiden als beperkend; wij voelen dat we meer mogelijkheden hebben. Daardoor hebben wij vaak heimwee naar ons echte “thuis” en voelen ons niet begrepen ( sterker: we worden ook niet begrepen!). Lichtwerkers ( en nee, ook dat ben ik niet met plezier: ik voel mezelf vooral een verstotene – ook door jullie, met jullie kritiek op mij en jullie voor-waardelijke “acceptatie”) zijn nu eenmaal de mensen die de weg vrij maken voor de generaties die na hen komen. Ze komen vernieuwing brengen.

Anyway: vanaf begin augustus tot nu ( en dat zal nog wel ff doorgaan) is het een aaneenschakeling van oude emoties los laten gaan, ons verdrietig voelen, moe moe moe, last van hartkloppingen, onrust…. Allemaal tekens dat ik m`n “oude” ( of ego-) ik aan het loslaten ben zodat er ruimte kan komen voor vernieuwing.

Ook in de fysieke wereld maak ik veel veranderingen mee. Relaties ( ook met familieleden) die niet meer bij mij passen omdat ik “dankzij” mijn rampspoed een groei heb doorgemaakt, beeindig ik.  Dit gebeurt allemaal om plaats te maken voor de relatie met mijn tweelingziel. Want wij zullen de komende jaren dichter bij elkaar komen.

Tweelingzielen hebben vaak iets met Leeuwen ( ik wordt vooral met Tijger geassocieerd, haha), een sterke band met de natuur (!), bijzondere ogen , en veel affectie met het oude Egypte en met Indianen ( nou en of!). Wij kunnen slecht tegen onrechtvaardigheid ( terwijl we onszelf wel  allerlei onrechtvaardigheid laten aandoen, vreemd genoeg), hebben bijzondere en veelzijdige talenten, en we zijn allebei zeer hooggevoelig.

Door die hooggevoeligheid hebben we beiden reeds levenslang te kampen met vermoeidheid en ziektes, en doordat we ons niet thuisvoelen in de maatschappij en onverwerkte emoties uit onze jeugd en vorige levens meetorsen ( al snijden de aartsengelen wel steeds meer van die angstkoorden door), hebben we de neiging om te vluchten in verslavingen.

Een Leeuw of Tijger als ik en mijn tweelingziel, staat graag op de voorgrond, heeft een enorm ego ( dat van mij is zo groot als Tokio!!), en ik weet dat ik meer naar buiten zal treden en meer op de voorgrond zal gaan staan de komende jaren. En ook dat mij dit door velen niet in dank afgenomen zal worden ( ik krijg nu reeds zeer hatelijke reacties op mijn woorden/blogs). Tegelijkertijd hoop ik dat mijn sterke ego wat zachter en rustiger en kleiner wordt. Ik kan namelijk flink dominant zijn en wil mensen soms manipuleren om mijn zin te krijgen. Daar ik tegelijkertijd net zo voor vrijheid en gelijkheid ben, botst dat nogal eens. Ik hoop dus dat ik de komende jaren nog veel beter voor mijzelf zal gaan opkomen ( hoe vreemd dat ook klinkt) en dominant gedrag van mijzelf en met name van anderen niet langer zal tolereren.  Ik wil enkel nog samenwerkingsverbanden en vrienden op basis van gelijkwaardigheid.

Mijn tweelingziel en ik spiegelen elkaar ( vandaar dat we momenteel geen contact hebben: we kunnen dat nu nog niet aan), en laten elkaars schaduwkant zien. Dat zijn moeilijke processen die gepaard gaan met veel aantrekken en afstoten. Onverwerkte emoties zullen loskomen om verwerkt te worden. Zowel emoties uit ons verleden als emoties uit vorige levens; want de meeste tweelingzielen hebben vaak vorige levens met elkaar doorgebracht.

Maar door de onvoorwaardelijke liefde voor elkaar worden wij toch steeds weer naar elkaar toegetrokken en kunnen wij samen een groei doormaken. Zoals ik al zei: in 2020 gaan wij aan een gezamelijke taak beginnen: Een Nieuw Begin!

 

 

 

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Doodsangst recht in de ogen kijken

Logischerwijs kikker ik ( m.n. mijn lichaam/emoties) er helemaal van op wanneer ik ( mijn eigen) pure doodsangst recht in de ogen kijk.  Wanneer ik op een haar na frontaal door een racende tegenligger in de auto wordt geramd – waardoor ik vol op de rem moet, en op puur instinct handel – bijvoorbeeld.

Direct na zo`n gebeurtenis ervaar ik – nog voordat de emoties zo heerlijk als bij een catharsis eruit komen –  een heerlijke rust en opluchting en vreugde in m`n hele lijf. Waarschijnlijk is dat het gevoel dat “doorsnee” mensen juist in permanente staat ervaren , en gek genoeg van slag raken wanneer ze op het randje van de dood balanceren. Zo niet ik. Ik zit andersom in elkaar.

Socrates zei : “een ononderzocht leven is het niet waard geleefd te worden”. Nu vind ik dat wat aanmatigend van hem ( want wie is hij om dat te bepalen voor een ander), maar hij was natuurlijk wijsgeer ( wijsbegeerte/filosofie kun je het beste omschrijven als verbale zelfbevrediging), en geef toe: er zit wel iets in.

Als je niet op jezelf/ je eigen houding en keuzes durft reflecteren, kun je net zo goed meteen doorvliegen naar je volgende leven. Aan de andere kant moeten we het ook weer niet overdrijven: ons eigen ikje en ons eigen belangrijkheid binnen dit universum worden wel heel narcistisch uitvergroot sinds die vervloekte computers/mobiele telefonie/internet en andere ongein hun intrede hebben gedaan.

Maar terug naar mijn betoog: zelfkennis zorgt naar mijn mening voor een beter ( niet fijner!) leven. Als je iets van jezelf onthult, komt dat zowel jouzelf als de gehele wereld ten goede. Maar dan moet je wel eerst inzicht hebben in jezelf.

Ik ben de laatste jaren het ene na het andere verloren.                                                                Ik verloor talloze dierbaren, naaste familieleden. Ik verloor m`n partner, m`n geld, m`n oudste dochter, m`n oom die mij misbruikt heeft, mijn geliefde vader en enige beschermer ooit, m`n ongeboren kind en – kleinkind…..

Ik verloor m`n sexuele aantrekkingskracht, m`n maatschappelijke positie. Mijn mooie gebit, m`n vruchtbaarheid, mijn prachtige uiterlijk…..

Sinds voorjaar 2017 ben ik ook nog in toenemende mate vergeetachtig of dement ( ik durf het niet nog verder te laten onderzoeken door neuroloog R. en de Klinische Genetica van het UMCG) geworden.

Mijn verdriet is iets dat mij langzaam maar zeker getekend heeft. Ik kan niet meer sporten, en breng zoveel mogelijk tijd door met mijn lieve dochtertje, met muziek,  en met vrienden. Dat werkt helend. Elke goede relatie helpt je om met verdriet of verlies om te gaan. De pijn is er echter niet minder om.

Toch kan ik jullie – als ervaringsdeskundige – aanbevelen om het verdriet en de angst dat je over je heen krijgt, recht in de fucking ogen te kijken. Om beter de kleine wonderen in je op te nemen. Het zachte huidje van je kind. Dat roodborstje dat levenslustig in je tuin rondscharrelt. Die machtige eikeboom in het bos die jou letterlijk troost als je met `m knuffelt . Ik ben me zoveel meer bewust van alle schoonheid in mijn omgeving, vergeleken met 8 jaar geleden.

Eerst was die vanzelfsprekend. Die schoonheid. Het verandert je perspectief ingrijpend wanneer je ouder wordt en dingen anders waarneemt. . Het is lang een taboe geweest, ook bij hulpverleners, terwijl doodsangst zo`n belangrijke rol speelt. Iedereen heeft er last van ( ook al drukken de meesten het de kop in door weg te kijken. Dat is de mainstream-houding). De een droomt erover , de ander probeert het te onderdrukken en dan komt het tot uiting in psychische symptomen .

Maar voor ons allemaal komt onvermijdelijk het moment dat je beseft dat je sterfelijk bent. Dat kan zijn wanneer een van je dierbaren overlijdt, of wanneer je op een begrafenis bent. Of wanneer je in de spiegel kijkt en ervan schrikt hoe oud je bent geworden. De dood hangt als een onweer over de picknick van ons leven heen. Het is onze grootste menselijke wond. Het is de prijs die we betalen voor ons zelfbewustzijn

Al eeuwen zoeken filosofen naar manieren om hier goed mee om te gaan. Beetje vervloekt zijn we natuurlijk he, dat we met een brein begiftigd (lees: vergiftigd) zijn. Want we zijn slechts zandkorrels in het universum. Ons denken is dus onze grootste vijand. Toch kan juist dit besef van nietigheid ( al druist het nog zo tegen de ijdelheid van ons ego in) helpen om de trivialiteiten waar we ons vaak druk om maken, te relativeren.

`s Ochtends rennen en vliegen? No way man: rustig aan….. jij en je kinderen zijn veeeeel belangrijker dan die kloteschool of die klotebaas die tegen een paar centen het leven uit jullie probeert te persen. `s Middags rennen en vliegen, of gestressed raken van een file? Hell no: rustig aan…..ga lekker in het bos boompje klimmen met je kinderen, joh: laat die stomme deadlines, verplichtingen en haast toch gewoon wat vaker waaien. Het kan elk moment afgelopen zijn weet je. !

Als we de dood in de ogen durven kijken, kunnen we die angst wellicht relativeren en ervaren we het leven ontroerender, kostbaarder en dynamischer. Het spreken over de dood  leert mij in elk geval betekenisvoller te leven. Ik heb veel rimpelingen veroorzaakt in de levens van anderen. Ja, ook in die van jou, beste lezer. Niet alleen omdat jij zomaar in mijn hoofd en hart mag kijken, maar ook omdat mijn schrijfsels jouw leven voorgoed zullen veranderen – bewust of niet. Door mijn kinderen, vrienden, vijanden, clienten en familie oprechte aandacht te schenken, door niet bang te zijn voor intimiteit of kwetsbaarheid. En door mijzelf volledig te laten zien. Dat maakt mij ( en een ieder die zo echt durft zijn) tot een forse golf op jullie zee, en een held.

Deze levenshouding vergt namelijk ontzettend veel moed. Maar enkel dankzij die moed zijn er tussen mij en anderen zeer waardevolle en betekenisvolle relaties ontstaan, waarbij we ons beiden gezien voelen. Ieder mens kan rimpelingen in zijn omgeving veroorzaken – vaak zonder het door te hebben. En die rimpelingen werken door, geloof mij maar, ook wanneer wij weggevlogen zijn. Mijn vader heeft nu meer invloed op mijn leven dan toen hij hier nog was.

Liefde voor mensen, dieren, planten en alles wat leeft voelen en je geliefd weten is het allerbelangrijkste in ons leven.

Als je zoals ik getroffen wordt door de meest gruwelijke martelingen op lichamelijk, emotioneel en sexueel vlak ,dan heb je een goed excuus voor een slachtofferrol.

Dat wordt in onze maatschappij ook gestimuleerd en het liefst gezien ( want het benadrukt onze zwakheid en onze volgzaamheid). Ik benadruk echter dat we ook temidden van de ergste folteringen altijd nog tot op zekere hoogte onze eigen keuzes kunnen maken. Al was het maar de keuze hoeveel macht je jouw agressor over jouw geest wilt geven. Die vrijheid, die keuze is ons hoogste goed. Maak er daarom gebruik van!

Iki zie dagelijks om me heen dat het merendeel van alle mensen bang is voor vrijheid, en liever heeft dat anderen hen vertellen hoe ze moeten leven. Maar hee: je kunt alleen op je eigen manier zin geven aan je bestaan, man. Dat kan niemand anders voor je doen ( alle praatjes van onze tandarts, overheid, ggd, partners, ouders, medici en andere griezels ten spijt), alleen jij.

Probeer zoveel mogelijk in contact met jezelf en met andere levende wezens ( niet perse  genaamd mens) te leven. Dat is een goede remedie tegen onze fundamentele eenzaamheid. Psychotherapie is dan ook een teken van decadentie. Het huidige leven gaat bijna alleen nog over consumeren ( ja, ook van mensen) en bijna niet ( meer?) over betekenisvolle relaties en zingeving.

In de tijd dat ik leef ( en dat gaat terug tot mijn leven als Neferoere in het oude Egypte ) heb ik niet veel zien veranderen. De taal verandert, maar mensen zijn eenzaam, gedeprimeerd, bang en gespannen. Weet je wat de kern is?

HET GAAT STEEDS – in al die duizenden jaren – OM EEN GEVOEL VAN AFGESCHEIDEN ZIJN. Mensen hebben te weinig liefde in hun leven, of hebben strijd met hun geliefde. Of “horen er niet bij” ( zoals ik en mijn kinderen). Er is door de eeuwen heen weinig veranderd in de menselijke problemen en tragedies. Ik krijg niet het idee dat we er met z`n allen veel wijzer op zijn geworden.

Neem nu onze partnerkeuze. Je kunt een zwever zijn en als lapmiddel voor je wond opperen dat het de wil van het universum of van jouw zieltje voordat je hier kwam was ( en als het mij zo uitkomt dan verkondig ik dat ook, maar vandaag neem ik een andere stelling in). Maar de waarheid is natuurlijk dat we altijd de verkeerde zullen trouwen, omdat we onrealistische verwachtingen op de ander projecteren.

Teleurstelling is dan uiteraard onvermijdelijk. Alain de Botton heeft daar een gaaf boek over geschreven: Weg van liefde. De romantische liefde gedijt volgens hem bij mysterie en brokkelt bij nadere inspectie af.

In tegenstelling tot wat zweverige dwepers zeggen ( ik zelf ook af en toe): het is ZINVOL om spijt te hebben. Want spijt kun je gebruiken om te herkennen wat je belangrijk vindt in dit leven. Spijt is meestal een belangrijke aanwijzing ( behalve voor mensen zoals ik, die grootgebracht zijn in enge sektes waar je leerde om – ten onrechte – altijd spijt te koesteren, al werd je verkracht door een psycho-sekteleider! ) Het is  goed om stil te staan bij de dingen uit je verleden die je spijt bezorgen, om een zuivere blik op de toekomst te kunnen richten. Daarbij gaat het om de vraag: hoe zou je nu kunnen leven om niet nog meer spijt te hebben/kriujgen? Wat moet je dan nu veranderen? Het is nooit te laat en je bent nooit te oud om je leven een andere wending te geven!

Er is maar 1 vraag van belang in je leven, en die moet je jezelf eigenlijk telkens stellen: “wat wil je?” Als je die vraag maar vaak genoeg stelt, dan kom je bijna altijd bij sterke emoties uit.  Ik kom altijd weer uit bij kinderen. Al vanaf m`n 9de.

Ik BEN moeder. Het is niet 1 van mijn vele kanten, het is mijn LEVENSDOEL : moeder zijn. Niet alleen moeder van mijn eigen kinderen, maar ik ben de moeder van alle kinderen ter wereld.  Ziedende tijger-beschermelinge van alle verdrukte, verwaarloosde, onheus bejegende, vertrapte, vergeten, misbruikte kinderen ter wereld.

Dat is nogal een verheven roeping, ik weet het. Zoiets is niet iedereen gegeven.  Maar ik ben er dan ook reeds vele levens voor in ( zware) training geweest. Kinderen en ik zijn twee handen op 1 buik. Net zo vlekkeloos perfect als ik veel “grote” mensen verafschuw wegens hun fake-heid.

Terug naar de vraag “wat wil ik” : het zijn steeds dezelfde verlangens of wensen. Bijvoorbeeld dat je iemands liefde of erkenning wenst, dat je hoopt dat de ander weet hoeveel je van hem houdt, dat je minder eenzaam wilt zijn, jong en gezond, dat je iets wilt bereiken en dat je leven betekenis heeft. Alles wat ik heb gedaan of geschreven ( yes, ook de gloeiende furie-stukken: zonder catharsis geen heling!) komt erop neer dat je ervoor moet zorgen dat je zo min mogelijk spijt hebt aan het einde van je leven.

Dat je goed moet leven. Dat is mij uiteindelijk gelukt. Ik ben een rijk en tevreden mens. Ik heb veel dingen gedaan die ik niet wilde ( enkel omdat ik anderen meer bestaansrecht toekende dan mijzelf), maar doe dat niet meer. Ik hou van mijzelf, ik hou van iedereen, ik hou van mijn werk en mijn studie, en ik heb een fantastisch gezin. Wat wil een mens nog meer?

 

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Bang voor zelfcompassie: BACKDRAFT

Zwervers die een hard leven leiden, kunnen wantrouwend en agressief reageren wanneer ze met vriendelijkheid benaderd worden. Verwaarloosde en getraumatiseerde kinderen/volwassenen idem. Dus: zo hoeven we ook niet verrast te zijn wanneer we weerstand tegenkomen als we gekwetste en verwaarloosde delen in onszelf met vriendelijkheid bejegenen.

Het beoefenen van compassie en vriendelijkheid naar onszelf is niet altijd gemakkelijk. Sterker: ik vond het – naast overgave – het moeilijkste in m`n hele leven! Ik kan wel hele wetenschappelijke onderzoeken hierover gaan publiceren, maar ik heb ondanks m`n titels nogal schijt aan “wetenschap” en vereer daarentegen het weten van de ziel en van de eigen ervaring; daarom zal ik me drastisch beperken. Paul Gilbert heeft hier uitgebreid onderzoek naar gedaan, en kwam mbv oa FMRI-scans, hartmetingen en stresshormoonmetingen tot de uitkomst dat mensen met een hoge mate van zelfkritiek op zelfcompassie reageerden met een enorme daling van hartritmevariabiliteit ( = een teken van dreiging), en geen verandering in hun ( toch al zeer hoge) cortisol ( = stresshormoon). Uit de FMRI-scans kwam bij deze personen een patroon naar voren dat past bij dreiging. N.B. needless to say dat het bij mensen die zich veilig voelen, precies andersom was.

Wanneer er sprake is van een heftige reactie op de beoefening van zelfcompassie, schiet de term backdraft te binnen. De brandweer weet donders goed wat deze term betekent. Het gaat om ruimtes waar weinig zuurstof is ( zie dit even in psychische zin). Bij een grote brand smeult hier het vuur alleen maar. Totdat er een raam kapot knalt of iemand de deur opengooit: dan komt er immers plotseling een heleboel zuurstof bij het smeulende vuur. Het gevolg is dat het eerst rustig smeulende vuur plotseling enorm oplaait – omdat het zuurstof en alle ruimte krijgt.

Als we dus voorheen niet gewend waren om onszelf met vriendelijke ogen en mededogen te bezien, dan blijkt deze compassie als het ware zuurstof te brengen naar plekken in onszelf die eerder afgesloten waren. Dat kan voor verdomd heftige momenten zorgen, waarbij plotseling veel verdriet en oude, onverwerkte pijn vrij kunnen komen.

Het is goed om te weten dat er dan niets mis is met je. Integendeel, zo ontstaat een gezonde, diepere verbinding en intimiteit met gebieden in jezelf die eerder ontoegankelijk waren. Wanneer je het lef hebt ( want het voelt doodeng) om daar met je aandacht bij te blijven, het erkennend op te merken, kun je het makkelijker hanteren. Je kunt de brand als het ware gewoon zichzelf laten uitbranden, terwijl je er zelf als getuige bij aanwezig bent. En kijk, daar is weer een stuk ( bereidheid tot) overgave voor nodig.

Het is namelijk moeilijker om compassie toe te laten wanneer je daar ( net als ik ) in je opvoeding niet mee vertrouwd bent geraakt. Vandaar dat in het begin je gevaarsysteem steeds verwilderd alarm slaat bij een beginnende ervaring van compassie. We hebben ons namelijk geidentificeerd met een ongeliefd zelf en hebben geleerd om zonder compassie en met een gebrekkig ( zelf-)zorgsysteem te overleven; en reageren derhalve vanuit ons gevaarsysteem met afkeer, angst, onrust of agressie wanneer we onszelf liefdevol tegemoet gaan treden. Wanneer we emotionele pijn ervaren, steekt ( een variant van) onze innerlijke criticus algauw de kop op, terwijl we juist een ( onze eigen) innerlijke helper nodig hebben. Maar het zorgsysteem werkt alleen maar als trigger voor nog meer dreiging, omdat het ten onrechte geassocieerd wordt met nog meer emotionele pijn. Ingewikkeld? Helemaal niet, vind ik ( omdat ik ermee bekend ben uiteraard, en daardoor anderen op dit vlak zo goed weet bij te staan).

Het vergt dus enorm veel dapperheid, lef, vertrouwen ( of schijt) en doorzettingsvermogen om dit proces “tegen je natuur” in te gaan, en het duurt een flinke tijd. Maar mijn god, wat zijn we het waard!!

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Zoektocht

“The gravity means nothing to those at peace – oftewel: voor degene die vrede in zichzelf draagt, maakt het niet uit hoe zwaar de strijd is”.

Het had voorwaar een zin van mijn geliefde Friedrich Nietzsche kunnen zijn; en als ik een tattoo-type was, had dit allang op m`n arm gestaan.

Toen ik mijn dochter van de ene op de andere dag verloor, uiteraard niet voorzien van enig uitlegje door het Universum, ben ik heel lang gestopt met leven. Sterker: de dood was me een stuk welkomer geweest destijds, veel rustiger en vrediger. Daar zat ik dan: halfzijdig verlamd ( letterlijk: ik reageer lichamelijk heel sterk op ingrijpende gebeurtenissen), met 3 acute hernia`s in m`n onderrug ( idem), en volledig lamgeslagen.

Maar mijn geniale vriend Bob Dylan kreeg gelijk: “When you think you`ve lost everything, you find out you can always lose a little more”. Ik zal jullie niet vermoeien met de rampspoed en de overleden naaste dierbaren die het Leven mij in al haar wijsheid de daarop volgende jaren ook nog es op m`n bord flikkerde, maar het was af en toe op de grens van wat draaglijk was. Neem dat maar van mij aan.

Toch, toen ik eenmaal besefte dat het leven nooit perfect kan zijn, en mij daar eindelijk zelfs ten dele aan wilde overgeven, kreeg ik door dat we ongelukkig worden van onze gedachten. En niet door wat het leven ons geeft. Dit klinkt bizar he, zelfs uit mijn ervaringsdeskundige mond.  99% van de mensen denkt dat geluk of vrede iets is wat je kunt zoeken en vinden, maar het zit IN ons. Alleen raakt het, terwijl we opgroeien, bedolven onder allerlei illusies en blinde vlekken.

Hoe slecht ik ook in wiskunde ben: geluk is gelijk aan – of groter dan – het verschil tussen hoe jij de gebeurtenissen in je leven ervaart, en je verwachtingen van hoe het leven zich moet gedragen. waar het misgaat is dat we die vergelijking vaak niet op de goede manier oplossen. Als je in de formule verkeerde gebeurtenissen en verwachtingen stopt, raak je teleurgesteld en voel je je ongelukkig. Kortom: stop met nadenken over de variabelen die je geluk verpesten. En verwacht daarentegen de gebeurtenissen zoals ze zijn! De manier waarop we reageren als het leven anders loopt dan we hadden verwacht/gehoopt, is de bepalende factor voor innerlijke vrede/geluk/acceptatie.

Als je je illusies ( ik heb er plenty, maar ik doorzie ze inmiddels ) en blinde vlekken ( die heb ik ook, maar doorzie ws nog maar de helft) bewust bent, ben je ook in staat vrede te vinden in jezelf, no matter what het leven je voorschotelt. Met illusies bedoel ik concepten als tijd, controle en kennis. Die concepten zijn ons aangeleerd. we zien ze als feiten, maar dat zijn ze niet. Als je ze doorziet, houden ze je niet meer voor de gek en kunnen ze je niet meer ongelukkig maken. De blinde vlekken zijn kenmerken van ons brein, dat ontworpen is om weg te rennen voor dreiging en ( al dan niet illusoir) gevaar. ooit moesten we onszelf beschermen tegen gevaren als wilde dieren ed. En al worden we allang niet meer bedreigd door wilde dieren ( omgang met psychopaten/narcisten daargelaten), die blinde vlekken hebben we nog steeds. Ze vertroebelen de waarheid, en daarom zeg ik: ons brein vertelt ons niet de waarheid. Ze liegt!

Er is iets wat ik dwars door die hel van de afgelopen jaren geleerd heb: dat ik m`n stinkende best kan doen voor iets, en dat ik tegelijkertijd kan aanvaarden dat zelfs mijn allerbeste best NIET oplevert wat ik zo had gehoopt – en dat dat oke is. Het heeft zelfs mijn hele leven veranderd. Ik ben uit noodzaak altijd zo`n control freak geweest, dat het woord “acceptatie” mij niets zei. Ik had geleerd dat wanneer het leven je niet geeft wat je wilt ( bv. gezonde dochters of een lieve echtgenoot), jij gewoon harder je best moet doen. Wat zonde! denk ik nu. Want de realiteit is dat je bijna niets in het leven kunt beinvloeden. En dat als je ( zoals ik zo eindeloos lang) dat desondanks maar blijft proberen, je alleen bezig bent met jezelf te kwellen. ( N.B. ik ben tevens psycholoog-i.o., enik  wijs er even op dat je jezelf onbewust of bewust ook kunt WILLEN blijven kwellen; om boete te doen bv, omdat je je schuldig voelt over wat er gebeurt is. Al heb je er part noch deel aan. Ik heb mijzelf heeeeel lang willen kastijden, gewoon omdat ik gewend was overal de schuld aan te hebben – vanaf mn geboorte tot een jaar geleden)

Op een gegeven moment kon ik kiezen: of de volgende 25 jaar van mn leven ook op de bodem blijven zitten, of doen wat ik inderdaad heb gedaan: “oke universum, wil je het zo spelen? Prima! Maar ik klauter weer naar boven. Morgen wordt het weer iets beter dan vandaag, en overmorgen nog een stukje beter!”. Klinkt dit gemakkelijk? Om de dooie dood niet: daar heb je ijzerharde ballen voor nodig!

Er is een verschil tussen pijn en lijden namelijk. Pijn komt van buiten, uit de wereld om je heen, en het heeft een functie. Die moet je durven toelaten. Het vertelt je dat je iets mag leren, of doen ( in mijn geval: loslaten). Lijden is wanneer je de pijn steeds naar boven haalt, om jezelf te kwellen ( denk aan mijn zelfkastijding/illusoire boetedoening). Pijn is goed. De pijn om mijn verloren dochter motiveert me om te doen wat ik nu doe. Maar als ik mezelf steeds maar weer vertel dat ik mn dochter nooit meer zal kunnen vasthouden, en mezelf daarmee laat lijden, helpt me dat niet. Dus laat ik dat los.

Er is maar 1 constante in het leven, en dat is verandering ( of noem het chaos, zie Einstein). Alles in het leven verandert constant. En pas wanneer je een of ( in mijn geval) tot in het diepst van je wezen geconfronteerd bent met overlijden of verlies, besef je pas echt hoe sterfelijk ( ik geloof trouwens niet in sterfelijk, maar denk dan aan ons lijfje) we allemaal zijn. En hoe kostbaar ieder moment is, ieder lief woord, en ieder lief gebaar – niet in het minst richting onszelf.

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Je bent nooit alleen tijdens je angst

Je bent tijdens je uren van angst nooit alleen, nevernooit. Wanneer jij trilt omdat je moeilijkheden verwacht, worden er troostgevende stralen naar jou toegezonden. De signalen die angst afgeeft, zijn een fluit die jouw bewakers ( of de liefde, of het universum, of god, of je beschermengelen – de naam maakt geen moer uit) naar jouw zijde roepen.

Wanneer je ( inwendig of hardop) schreeuwt omdat je bang bent, waar komt de hevigheid van die emotie dan vandaan? Lijkt hij uit een blaasbalg diep in je te komen? Deze schreeuw is een ontsnapping van langgevoelde energie, iets wat je catharsis zou kunnen noemen. Sommige mensen zoeken deze angst zelfs kunstmatig op, bv door het zien van horrorfilms of bungeejumpen. Het aangename gevoel dat sommigen na afloop hebben, is ditzelfde loslaten van energie, en vrijmaken van het hart.

Het anker dat jou door alle angsten heen zal dragen in deze hectische tijden ( waarin de wereld evolutionair gezien veel sneller draait), is de eeuwige liefde die nooit van jouw zijde zal wijken. Je kunt je ervoor afsluiten, je hart op slot doen, maar zij zal jou nooit verlaten. Jouw essentie bevat al het tegengif voor angst. Je mag dus onbevreesd doorgaan, en hoeft niet te schrikken wanneer het een tijdlang onaangenaam voelt om tijd in afzondering door te brengen.

Wanneer je gewend raakt aan het omgaan met angstige gedachten ( want bijna altijd komt angst op uit gedachten), dan zal jou dit in de toekomst van groot nut blijken te zijn. Houd je gedachten dus veel zorgvuldiger dan eerst in de gaten. Raak eraan gewend je gedachten te zuiveren van gedachten die jou zeggen dat je alleen bent op deze wereld. Je bent niet alleen, nu niet, nooit.

Weiger jezelf als een trillend slachtoffer te zien, temidden van een angstwekkende omgeving. Binnenin jou zit een vrede en liefde en kracht die onwrikbaar en bestendig is. Angst kan op veel manieren gebruikt worden: wanneer je bereid bent ze over te geven in handen van het universum ( of je beschermengelen, of hoe je het maar wilt noemen), zal elk beeld van angst uit je geest weggevaagd worden. Laat niet een restje angst zitten omdat je alles “onder controle” ( die niet bestaat) wilt houden: laat het los!

Wanneer ik mij bewust word van mijn innerlijke pijn, doe ik een beroep op aartsengel Michael, Rafael, Gabriel, mijn vader en mijn eigen beschermengelen, voor hulp en bescherming. En meteen op dat moment wordt er hulp en troost naar mij toegestuurd. Op die manier kent de eb en vloed van mijn angsten geen steile bergen en diepe dalen meer, maar slechts vriendelijke rondingen die mijn gemoedsrust niet uithollen.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen