Over Liefde en bezit, deel 3

Lucky…..
Ik heb een keer of twee in mijn leven een blik in iemands gezicht gezien die als het ware heel het lot van deze mens weerspiegelde.
Als de graankorrel niet in de aarde valt en sterft dan blijft zij alleen. Maar als zij sterft dan brengt zij rijke vruchten voort; denk daaraan.
Zo iemand zal veel tegenstanders hebben, maar zelfs z`n vijanden zullen hem liefhebben. Veel leed zul hij moeten dragen, maar in z`n ongeluk zal hij gelouterd worden en gelukkig zijn en het leven zegenen, en ook anderen ertoe brengen het te zegenen, en dat is het allerbelangrijkste.
Wij leven allemaal in het paradijs, het leven is een paradijs, maar wij willen dat niet weten. Als we het echter inzagen, dan zou het morgen overal op aarde een paradijs zijn.
Dat alles heeft een grootse en mysterieuze betekenis, daar raken elkaar het voorbijgaande gezicht van de aarde en de eeuwige waarheid.

Och mijn vrienden, waarom maken wij toch ruzie onder elkaar, waarom steken we elkaar de ogen uit en vergeten we nooit een belediging: laten we liever dadelijk de tuin ingaan om te wandelen en blij te zijn; laten we van elkaar houden en een goed woord voor elkaar over hebben, laten we elkaar omhelzen en ons leven zegenen. Want zelfs aan een heel slechte jeugd of leven kun je nog kostbare herinneringen bewaren, als je ziel maar in staat is om die schatten te ontdekken!
Het is een groot mysterie van het menselijk leven dat het oude leed langzamerhand overgaat in een stille, innige vreugde; in plaats van het jonge, bruisende bloed komt het zachtmoedige heldere ouder worden.

Wanneer je ervan droomt dat er liefde onder de mensen zal zijn en de aarde bedoeld is om een eerlijk gedeeld paradijs te worden, weet dan dat die droom vast en zeker werkelijkheid zal worden. Voor alles staat echter zijn tijd. Er is een morele en psychologische ontwikkeling voor nodig. Om het aanschijn van de aarde te vernieuwen moeten de mensen psychisch veranderen en een nieuwe weg inslaan. Geen enkele wetenschap of theorie kan de mens er ooit toe brengen om zonder verzet zijn bezittingen en rechten de delen, ten bate van zijn naaste. Voor een mens tot zoiets kan komen is er eerst een tijd van vereenzaming nodig. Want tegenwoordig tracht iedereen zichzelf van de anderen los te maken, hij wil in zichzelf de volheid van het leven vinden; met al zijn inspanningen bereikt hij echter niet de volheid van het leven, maar van de volledige zelfmoord. Want in plaats dat hij zijn persoonlijkheid volledig bevestigt, wordt hij in een volkomen eenzaamheid geworpen. Want iedereen sluit zich in zichzelf op, trekt zich terug in zijn hol en laat de ander links liggen, hij verbergt zijn ware ik en alles wat hij heeft en het komt tenslotte zover dat hij de mensen van zich afstoot en omgekeerd dat de mensen hem van zich afstoten.

Hij hoopt in zijn eentje rijkdommen op en denkt: “wat ben ik machtig en onaantastbaar”, maar die dwaas weet niet dat hoe meer rijkdom hij verzamelt, des te dieper hij wegzakt in een onmacht die gelijk staat met geestelijke zelfmoord.
Want hij is eraan gewend geraakt alleen op zichzelf te vertrouwen en zich van de gemeenschap los te scheuren: hij gelooft niet meer in onderlinge hulp, in mededogen, in mensen en in menselijkheid, hij is alleen maar bang dat hij zijn geld en zijn bevoorrechte positie zal verliezen.
Maar aan deze verschrikkelijke vereenzaming zal eens ook een einde komen, dan zal iedereen begrijpen hoe onnatuurlijk het was dat de een zich voor de ander afsloot.

De mens moet het aandurven zelf een voorbeeld te stellen al zou hij daarin ook helemaal alleen staan; hij moet zich uit zijn vereenzaming losmaken en streven naar een liefdevolle gemeenschap met zijn naaste, al zou men hem dan zelfs voor gek verklaren…

Er was eens een man die een vrouw en haar kinderen te gronde had gericht; en hij vertelde me dat hij eerst helemaal geen last had gehad van gewetenswroeging. Het bezwaarde hem nauwelijks wat hij in de ander had aangericht. Maar om de toch gering aanwezige stem van zijn geweten het zwijgen op te leggen, schonk hij met milde hand, wierp hij zich op zijn werkzaamheden met verdubbelde energie, vroeg om een moeilijke, ingewikkelde taak die hem volledig in beslag nam, en aangezien hij een wilskrachtig karakter had, vergat hij bijna wat er gebeurd was. En als hij er al eens aan dacht, probeerde hij het zo gauw mogelijk van zich af te zetten. Maar tenslotte kwamen er toch kwellende gedachten bij hem op die hij niet meer kon verjagen. Ten slotte liep hij voortdurend rond met het beeld van de gekwelden voor ogen: het leed van de vrouw en haar kinderen riep om wraak en werd tot een bittere, dreigende obsessie. Afschuwelijke dromen bezochten hem. Maar met zijn sterke wil hield hij die kwelling lang uit: “ik zal mijn misdaad boeten door dit in stilte te verdragen” dacht hij. Maar zijn hoop bleek ijdel: hij werd hoe langer hoe meer gekweld, precies zoals hij die anderen eerder langdurig gekweld had.

En op een dag zei hij: “ik weet dat het paradijs voor mij zal aanbreken zodra ik mijn schuld bekend en openbaar gemaakt heb. Ik heb tijden in een hel geleefd. Ik wil lijden. Ik zal het lijden aanvaarden en een nieuw mens worden, opdat ik vrede zal hebben. Als je je leven met leugen verknoeid hebt kun je niet meer voortgaan alsof er niets gebeurd is. Vanaf het moment dat hij de door hem begane misdaden nederig had bekend en zijn spijt ervoor had betoond, werd hij ziek – en een paar maanden later stierf hij; maar met een grote vrede en dankbaarheid in zijn hart..

Kijk nu eens naar de mensen die zich in alle opzichten verheven achten: zij hebben de wetenschap, maar die kent alleen wat onderworpen is aan de zinnen. De geestelijke wereld echter, het edelste van de mens, wordt helemaal afgewezen en met een zekere triomf, zelfs met haat, uitgebannen. Want zij zeggen: “als je behoeften hebt, bevredig ze dan, want daartoe heb je het recht”. Maar wat is het gevolg van dat recht om voortdurend meer te verlangen? De rijken brengt het eenzaamheid en geestelijke zelfmoord, en de armen haat en moord. Zij die de vrijheid zien als een vermeerdering van de begeerten gevolgd door een vlugge bevrediging, verminderen hun menselijke natuur; want zij wakkeren allerlei absurde en domme verlangens, gewoonten en de meest idiote fantasieen in zichzelf aan. Hun leven is niets dan nijd, vleselijke wellust en ijdel vertoon. Diners, reizen, equipages, rang en stand worden onmisbaar geacht en men heeft er zijn eer en menselijkheid voor over om die levensnoodzaak te dienen. Het is niet verwonderlijk dat zij in plaats van de vrijheid te vinden tot slavernij vervallen.

Maar heb geen angst voor de zonde van de mensen, bemin een mens ook in zijn zonde, want dat is de hoogste vorm van liefde op aarde. Verhef je niet boven de kinderen en de dieren, want zij zijn zonder zonde; en jij met al je “grootheid” verpest de aarde en laat een verpestend spoor na. Hou vooral veel van kinderen, want zij zijn zonder zonde zoals engelen, en hun leven, hun kijk en beleving ontroert ons, zuivert onze harten en is voor ons een lering en een teken. Wee degene die het kind kwaad doet! Ik kan geen enkel kind voorbijgaan zonder diep ontroerd te worden, zo ben ik.

Kies altijd de weg van de liefde. Maak het vaste besluit om dat altijd te doen en je zult de hele wereld winnen. De lankmoedige liefde is een verschrikkelijke kracht die z`n gelijke niet heeft. De schok die je met je liefde op de ene plaats veroorzaakt wordt voelbaar aan het andere einde van de wereld. Wees niet bang dat jouw werk uit liefde teniet gedaan zal worden en dat je het niet voltooien kunt. Er is maar een middel dat je kan redden: maak jezelf verantwoordelijk voor alle zonden van de mensen. Als je jezelf oprecht verantwoordelijk stelt, dan zul je zien dat het ook inderdaad zo is, dat je tegenover alles en allen schuld hebt.

Je dient verantwoording af te leggen voor datgene wat je hebt kunnen begrijpen en niet van datgene waartoe je niet bij machte was. Als je dit gevoel in jezelf zwakker laat worden of laat verdwijnen dan sterf je innerlijk af. Dan wordt het leven je onverschillig en je zult het zelfs gaan haten.
Ik heb vaak gedacht: “wat is de hel?” Ik ben van mening dat de hel niets anders is dan het lijden veroorzaakt door het feit dat het je onmogelijk is geworden om waarlijk lief te hebben.

Als een ander dus ongevoelig is voor jouw goedheid en je uitlacht, erger je dan daaraan niet. Het betekent enkel dat zijn tijd nog niet aangebroken is. En als de ander zo kwaadaardig en meedogenloos is dat er met hem zelfs geen gesprek meer mogelijk is, ga diegene dan zwijgend en vol nederigheid liefhebben en dienen zonder ooit je hoop te verliezen. Overdek de aarde en de mensen daarop overvloedig met je kussen , heb je tranen lief en schaam je daar niet voor. Stel deze houding integendeel hoog, want het is een grote gave die aan weinigen, aan de kinderen en de uitverkorenen alleen, gegeven wordt….http://youtu.be/BrZTNhW44-o

Advertenties

Over Rebekka Nirel Engels

Disillusioned words like bullets bark....Dat zijn woorden vol desillusie die blaffen als honden, als kogels. De klanken versterken de woorden. Wanneer blaffen de gedesillusioneerde woorden als blaffende kogels? Dat doen ze als menselijke goden hun doel najagen...( Bob Dylan begrijpt mij wel✌️)
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s