De Drempelgod, DEEL 1

De Drempelgod, DEEL 1

We lijken vaak op de drempelgod Janus – die met het naar het verleden gekeerde deel van zijn gezicht somber terugkijkt, en het andere deel hoopvol gericht heeft op de toekomst. Daarbij in het gezelschap verkerend van Nietzsche, die stelt dat “al wat recht is liegt, alle waarheid is krom, en de tijd zelf is een cirkel”. Hij schreef eens aan zijn moeder “hoeveel invloed een jaarwisseling al op hem had, dat bij hem in zulke uren beslissende voornemens worden geboren, dat de tijd zich voor een paar uur groots aan ons voordoet en we haast buiten onze eigen ontwikkeling treden”. Een soort van feestelijke merktekens dus, als betrekkelijke hoogtepunten in de verder dodelijk saaie en rimpelloos verglijdende tijd; uit een dwingende behoefte om tenminste enig houvast te hebben. Zo zou een eentonige, structuurloze tijd ondraaglijk kunnen zijn voor het zintuig of orgaan, ergens in de hersenen of de maagstreek, waarmee we de voortgang van de tijd registreren.
Dat het met de wereld treurig gesteld is, is een jammerklacht die zo oud is als de geschiedenis. Desalniettemin laten velen ( met name religies) de wereld beginnen bij het goede: bij een gouden tijdperk, het leven in het paradijs, of bij een gelukkiger leven. Maar ze laten dit geluk snel als een droom verdwijnen en de mens vervolgens nog sneller van kwaad tot erger vervallen.
Recenter, maar veel minder wijdverbreid, is de heroische opvatting die waarschijnlijk alleen onder filosofen en pedagogen opgeld doet, dat de wereld onophoudelijk juist de omgekeerde richting op gaat, namelijk van het slechtere naar het betere; of dat tenminste de aanleg daarvoor in de menselijke natuur is te vinden. Janus, de drempelgod, verschijnt ons overal waar zich een drempel voordoet, of dat nu in de ruimte is, in de tijd, of in onze geest. Nietzsche zag in zijn tijd overal symptomen van sterven van de beschaving: “Jachtigheid, wegstromende wateren van het religieuze, nationale conflicten, de uiteenvallende wetenschap, de verachtelijke geld_ en genotseconomie van de ontwikkelde standen, en hun gebrek aan liefde en grootsheid. Ze worden met de dag gedachte- en liefdelozer. Alles staat in dienst van de aanstaande barbaarsheid”.
de Amerikaanse historicus Eugen Weber schrijft dat het geloof in “de apocalyps”lange tijd de sleutel tot de menselijke geschiedenis is geweest. En inderdaad: dat de apocalyps zo`n sleutelrol heeft gespeeld in de geschiedenis is voornamelijk te danken aan de laatste twintig bladzijden van het Nieuwe Testament die een zekere Johannus ( mogelijk niet de apostel die nog met Jezus aan tafel heeft gezeten, maar een naamgenoot die wat later leefde) heeft besteed aan een hem op Patmos geopenbaard visioen. Ondanks het dringende advies van de overigens verder zo invloedrijke kerkvader Augustinus om Johannus`Apocalyps toch vooral niet letterlijk te nemen, valt alles wat er sindsdien over eindtijden en wederkomsten is geschreven, tot deze tekst te herleiden. De apocalyps speelt niet alleen een rol in het christendom en het jodendom en de islam, maar ook in allerlei mythologie, waarin verwoesting wordt gevolgd door wederopbouw. Zelfs de geestendansreligie ( luister eens naar het wonderschone “Ghost Dance” van Patti Smith) van de Amerikaanse indianen draait om wedergeboorte. Cyclische catastrofen en vernieuwingen kunnen dus als doodnormale verschijnselen worden beschouwd.
In de vorige eeuw vonden er niet enkel op politiek en militair gebied, maar ook binnen de kunst, wetenschap en filosofie, ingrijpende gebeurtenissen plaats. Maar na eeuwen van onmiskenbare vooruitgang en wetenschappelijke en economische successen viel de rationele, ver-uiterlijkte, burgerlijke cultuur met de Tweede Wereldoorlog door de mand en ging ten onder aan wat Freud “de hypocrisie en de uit fatsoen geboren leugens van de burgerlijke samenleving” noemde. Freud wilde dat door zijn meest tot de verbeelding sprekende schepping, de psycho-analyse, deze ” hypocrisie en de uit fatsoen geboren leugens van de burgerlijke samenleving meedogenloos aan het licht zouden komen”. En Ortega y Gasset verweet wetenschappers zelfvoldane onbenullen en cultuurbarbaren te zijn geworden, omdat ze zich teveel gespecialiseerd hadden tot een samenleving van “gehomogeniseerde leeghoofden en massamensen”.
Ook het “einde van de filosofie” dient zich volgens sommige filosofen aan. In de visie van Jaques Derrida is een overkoepelende filosofische waarheid niet mogelijk ( zou dat het streven moeten zijn dan?), en de Duitse filosoof Peter Sloterdijk opent z`n “Kritiek van de cynische Rede”met de woorden: “al een eeuw lang ligt de filosofie op sterven zonder dood te kunnen gaan, omdat haar taak niet vervuld is. Gezien wat wij weten, komen wij niet op het idee het lief te hebben en elkander lief te hebben; wij vragen ons hooguit af hoe we het voor elkaar krijgen ermee te leven zonder in steen te veranderen”.
In het algemeen kan gesteld worden dat de omstandigheden die het toekomstperspectief van onze leefwereld onzeker maken vereenvoudigd gezien herleid kunnen worden tot een hoofdoorzaak: de aanhoudende groei van de wereldbevolking ( inmiddels 7 miljard, hoorde ik). Onze aanwezigheid op aarde heeft zo langzamerhand de vorm van een plaag aangenomen, en ons gedrag vertoont overeenkomsten met dat van de slijmzwam – een levensvorm die zich ergens vestigt waar ze alle voedingsstoffen aan onttrekt, en vervolgens ergens anders opnieuw aan dat proces begint. Wij hebben ons ook als een slijmzwam over de aarde verspreid, en parasiteren op de onvervangbare natuurlijke grondstoffenvoorraden en energiebronnen. Overal op aarde zijn we nadrukkelijk aanwezig, en nergens meer kan de natuur zich ongestoord op zichzelf terugtrekken om te herstellen van de door ons toegebrachte schade. Nu wijzen we vaak met de vinger naar de grote kinderaantallen per vrouw in de derde wereld, maar dit is onjuist. Als de hele wereldbevolking zou leven volgens de standaard van de Verenigde Staten, was er een oppervlakte van viermaal de aarde nodig om alleen al in het voedsel te kunnen voorzien. Daarmee zijn we beland in een schijnbaar onoplosbaar dilemma. De belasting van het milieu/de aarde door een westerling is gemiddeld 220 maal groter dan die door een derdewereldbewoner. In relatie tot de milieu-belasting heeft een gezin in het westen dus geen 2, maar gemiddeld 440 kinderen! Daaruit kan geconcludeerd worden dat de bevolkingsdruk op het milieu niet wordt veroorzaakt door die paar miljard mensen aan de rand van het bestaan, maar veel eerder door de aardig gestabiliseerde bevolkingsgroep westerlingen die het er goed van nemen. Of de westerse blijdschap met de overwinning op het communisme terecht is zal de toekomst dus nog moeten uitwijzen: de communistische ideologie is al zo oud en eerbiedwaardig als de beschaving zelf. De basisideeen – het uitbannen van onderdrukking en uitbuiting, het gezamelijke bezit van de productiemiddelen, en voor ieder gelijkelijk naar bescheiden behoefte te verkrijgen goederen en diensten – zijn al terug te vinden in Plato`s “Staat”, in het nog zuivere christendom, in Tomasso Campanella`s “Zonnestad”, en in het door Marx en Engels (mijn over-over-overgrootvader) geschreven “Communistisch Manifest”. Dat er met de praktische invulling iets helemaal is misgegaan, brengt ons eigenlijk alleen maar meer in verlegenheid, want op ideologisch niveau is het communisme toch het meest fatsoenlijke stelsel; en het is erg vervelend dat we er nog steeds niet in geslaagd zijn een vorm te vinden die aansluit bij concreet menselijk gedrag, zodat dwang en geweld achterwege kunnen blijven.                            http://youtu.be/q_0M9-_qDaA

Advertenties

Over Rebekka Nirel Engels

Disillusioned words like bullets bark....Dat zijn woorden vol desillusie die blaffen als honden, als kogels. De klanken versterken de woorden. Wanneer blaffen de gedesillusioneerde woorden als blaffende kogels? Dat doen ze als menselijke goden hun doel najagen...( Bob Dylan begrijpt mij wel✌️)
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Een reactie op De Drempelgod, DEEL 1

  1. Lieve Rebekka, waarom verbaast het me ook niet dat je ver familie bent van de aloude wijze heer Engels, welke in economische kringen regelmatig is besproken. Ik deel je mening dat het communistische, of liever het Marxistische systeem primair het beste werkt. De menselijke invulling hiervan, blijkt niet te werken, omdat men komt vanuit een oorsprong waar de meesten zonder beperkingen hun zinvolle en zinloze behoeften bij voorkeur overmatig vervullen, zonder oog hebbend voor de consequenties voor anderen. Gelukkig werkt deze maatschappijvorm wel voor bijen en mieren. Ik denk dat gewoon de tegenkrachten om het hele gebeuren in evenwicht te houden nog niet goed zijn afgesteld. Een van deze tegenkrachten is de informatie-maatschappij, maar dat betekent ook volledige opvoeding in een tijd waarin werk het enige devies en levensdoel soms lijkt, hoe zielloos het kan zijn. Wij Westerse mensen hebben altijd een keuze, gebruiken we de overvloed aan mogelijkheden ten gunste alleen van onszelf, of ontwikkelen we onszelf en helpen anderen daar ook bij. Dit laatste vereist dat je over de drempel de deur van naastenliefde betreedt. Ben jij bereid je eigen drempels te betreden en je eigen schoonheid te overstijgen tot ver voorbij de mogelijke grenzen van liefde ?

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s