de bloemen van het kwaad

Niets dan een duister onweer is mijn jeugd geweest,
waardoor een enkele keer wat zonnestralen schenen
Donder en regen zorgden er voor zo`n tempeest,
dat uit mijn tuin het blozend fruit haast is verdwenen
Mijn huis van toen heeft op arcaden uitgekeken – omringd door het azuur, de branding, de grandeur
en naakte slaven door en door gedrenkt in geur
Ze deden verder niets dan mijn geheime leed verdiepen,
dat mij met zo`n wellust smachten deed
Mooi ben ik, als een droom van steen, o stervelingen
Mijn borsten, waaraan elk van u zich heeft bezeerd,
hebben zo menig dichter reeds geinspireerd
Want ik heb wat zo`n volgzaam minnaar fascineert:
zuivere spiegels die het bestaande mooier maken;
met wijde ogen waar een eeuwig licht in wenkt!
Ik weet hoe ik de uren van geluk oproep;
wat baat het mij, als ik je schoonheid zoek buiten jouw hart,
jouw lijf waarin ik mij vermeide?
In `t donker ried ik het vuur dat in jouw ogen brandde,
ik dronk je adem in – o zoetheid, o venijn!
Mijn arme engel, niets is er zeker hier beneden
En steeds weer zal, hoe men het ook verbergen wil,
de zelfzucht aan het daglicht treden.
O vrouw vol van gevaar, o aangenaam klimaat!
Een mooie vrouw zijn is hard werk, een hard bestaan
Vereer ik evenzeer jouw huid, haar ijzel,
en schenkt de winter die zich niet verbidden laat
mij een genot dat scherper is dan ijs of ijzel?
Zo zwevend zij aan zij zullen wij rusteloos ontkomen
naar het verre lustoord van mijn dromen
Ik ben, mijn wijze lief, zozeer voor de lust geboren
als ik een man in mijn omhelzing dreig te smoren
O, geef mij moed en kracht dat ik mezelf bekijk,
zonder dat lijf en hart door zelfhaat zijn geschonden!
Ik zal voldaan zijn als ik deze wereld moet gaan verlaten –
waarin droom en daad niet samengaan
Mijn hart dat smacht moet voor te sterke passies waken
Ken jij als ik de pijn die ook genot kan geven,
en zegt men ook van jou dat je steeds zotter doet?
Ik was stervende – dat gaf in mijn verliefd gemoed
een vreemde smart –  verlangen met angst verweven.
Wij gaan een keer op reis, het brein in vuur en vlam –
het bitter smachtend hart vol wrok over het verleden.
Het ijs dat bijt, de zon die looit, ze zorgen
dat tekens van liefdesbeten langzaamaan verdwijnen.
Zij zijn het wier verlangen veel van wolken heeft;
die dromen van grootse wellust, nooit nog door een mens beleefd,
en waar nog niemand ooit de naam van heeft vernomen.
Vreemd lot waardoor ons reisdoel zelf aan `t dwalen slaat,
of nergens is – een plaats die wij niet kunnen weten!
Waardoor de mens, hoewel de hoop hem nooit verlaat,
om rust te vinden steeds op zoek blijft, als bezeten!
De hoofdzaak die het zwaarste weegt, komt nog aan bod
Wij hebben niet gezocht, maar overal gevonden
Van hoog tot laag in de rangorde van het lot;
het treurig schouwspel van onsterfelijke zonde………
Advertenties

Over Rebekka Eliza Dorothea Nirel Engels

Disillusioned words like bullets bark....Dat zijn woorden vol desillusie die blaffen als honden, als kogels. De klanken versterken de woorden. Wanneer blaffen de gedesillusioneerde woorden als blaffende kogels? Dat doen ze als menselijke goden hun doel najagen...( Bob Dylan begrijpt mij wel✌️)
Dit bericht werd geplaatst in samenhang. Bookmark de permalink .

2 reacties op de bloemen van het kwaad

  1. Wolfe zegt:

    *pinkt een traantje weg*  erg mooi… erg indrukwekkend… meer kan ik er niet over zeggen.

  2. Cris zegt:

    Heey hippie..
     
    Leuke site indederdaad een keer wat anders adan proletenporno…;)
     
    dikke kus!
     
    Cris

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s